De Hoop op Zorg is weer thuis en de Regulus wacht op reparatie.
We zijn door Martijn, Femke, Wisse en Melle opgehaald met de auto om zo toch nog samen een soort van gezamenlijke afsluiting van de vakantie te hebben.
De Regulus wacht op reparatie en staat hoog op de wal.
Vanochtend zouden we de sprong wagen naar Enkhuizen. Een beetje tussen de buien door naar de overkant varen. We schutten naar buiten en hijsen de zeilen. Het is redelijk ruig maar al snel ziet Marina op haar controle rondje in het schip dat er in de achterkajuit water staat.
(Onderstaande foto hebben we gemaakt toen we al in de kraan hingen en het water al gezakt was)
We roepen de kustwacht op op kanaal 16 en maken melding van de lekkage, dat we een eigen pomp erin hadden gehangen en retour Stavoren gingen. Al terugvarend de Marina gebeld of ze de kraan in gereedheid konden brengen. Het eerste bericht was dat de kraan in storing lag maar zouden kijken wat ze kunnen doen. Gelukkig kwam snel de melding dat de kraan klaar stond.
Door onze waterdichte schotten was het water beperkt gebleven tot de achterkajuit. Tijdens het varen durfde ik niet in het motorruim te kijken omdat ik niet wist of dat niet ook vol water stond. Gelukkig bleek dat het motorruim kurk droog was.
Zo ben je lekker aan het varen en zo sta je op de kant.
Na onderzoek bleek dat de afdichting van het roer lekte. Dat moet nu gerepareerd worden. Ondertussen is het onderwaterschip afgespoten en dat ziet er op een enkel plekje na goed uit. We blijven in ieder geval op de kant tot de reparatie klaar is.
Het was ook hier nog een gedoe om een bok voor de kimkieler te maken.
Gisterenavond toen we terugliepen na het eten heeft Wisse zijn hand geblesseerd. Vanochtend had hij nog steeds veel pijn en gebruikte hij zijn zere hand niet. Dus met de taxi naar de huisarts in het mooie Koudum. Omdat huisartsen nog steeds niet met x-Ray ogen zijn uitgerust was de volgende stap voorspelbaar: foto’s laten maken in het ziekenhuis van Sneek, weer een taxiritje dus. Ondertussen hebben opa en oma op Melle gepast, dat ging prima.
Een luiertje vervangen:
Een flesje geven:
En heel veel slapen:
Ondertussen raasde de wind in buien rond de boten. Er staan aardige golfjes op het IJsselmeer, maar het gevaar zit hem de kracht van de buien.
En oja Wisse had gelukkig niks gebroken, maarja kneuzen is ook pijnlijk.
Het waait nog steeds stevig en helaas uit de richting waar wij heen willen. We gaan naar Stavoren en dat is vrijwel wind regen.
Op het Heegermeer en de Fluessen staan best aardige golven. De Hoop op Zegen spoelt het laatste zout van de wadden van het dek.
aangekomen in Stavoren krijgen we het touw van de rubberboot in de schroef. We drijven zonder voortstuwing rond. Doordat we de rubberboot nog wel een beetje kunnen gebruiken en met behulp van de boegschroef komen we toch naar de kant.
Gelukkig is Femke bereid om te water te gaan en ik probeer haar zo goed mogelijk te helpen. Martijn en Wisse kijken naar de vorderingen.
Femke duikt gewapend met een mes naar de schroef en na een paar pogingen lukt het om het touw los te krijgen. We varen al heel lang met dit touw zonder problemen, toch beter opletten in het vervolg.
Als beloning gaan we eten in het restaurant bij de sluis.
Vanochtend begon de dag grijs met aardig wat regen. We verlaten de vaart waar we overnacht hebben.
We vervolgen onze weg door het van Harinxmakanaal. We zijn precies op tijd bij de Zwettespoorbrug en we kunnen direct door de opening. De tweede spoorbrug richting Zwolle gaat ook vlot en ook de verkeersbrug gaat snel open. We varen langs de ingang van de middelseeroute, bekend terrein van de Twirre.
We varen verder in de richting van Grou en komen langs Wergea. Er zijn veel herinnering in Friesland.
We liggen nu in het door ons vaak bezochte gemeentehaventje van Grou. Met die nieuwe huizen er omheen is het niet meer wat het geweest is.
Gelukkig maken we nieuwe herinneringen. Maar er is iets wezenlijks veranderd als je nadenkt over voor wie.
We verlaten Vlieland met zuiden wind. Daardoor is onze tocht maar ten dele bezeild. Net buiten de haven hijsen we de zeilen.
onderweg komen we diverse schepen tegen. Eerst een ankerligger, de Skylge en daarna nog een baggeraar.
We naderen Harlingen.
We schutten in de TjerkHiddessluis, daar passen we samen in.
We varen verder naar Ritsumazijl. Bijna alle plekjes zijn al bezet maar wij vinden een laatste plekje in het Deinumer Rak. Nu kan erbijna niemand meer langs.
We maken nog een rondje met de rubberboot door de Friese vaarten.